Wij stellen ons de vraag of de seksuele voorlichting op school wel ‘up-to-date’ is.
Volgens de laatste onderzoeken en berichten in het nieuws is er een probleem met de lessen over seks!
Jongeren hebben te weinig basiskennis over seks. Enkele voorbeelden:
“ Meisjes denken wel eens dat je van rechtopstaand vrijen niet zwanger kan raken.” Dit klopt niet.
“Jongens redeneren dat een portefeuille de beste plaats is om een condoom te bewaren”. Dat is nu net de plaats waar hij het makkelijkst beschadigd geraakt. Dit blijkt uit onderzoek van de vzw Jeugd en Seksualiteit en Sensoa.
Misschien gaan wij er te veel van uit dat jongeren dankzij televisie en internet alles weten over seksualiteit? Ze kennen zo meestal wel 101 standjes en termen, maar niet de 'basiskennis'. Of valt het allemaal wel mee volgens jou?
Misschien is seksuele opvoeding op school wel dringend aan een update toe? Wat denk jij daarvan? Hoe gebeurt het in jouw klas?
Uit een onderzoek door gynaecologe Marleen Temmerman blijkt dat de seksuele voorlichting op scholen tekort schiet. "Jongeren willen minder biologische voorlichting en meer relationele informatie."
Leraar biologie
Wanneer jongeren vragen hebben over anticonceptie en soa, dan stellen ze die het liefst aan hun leraar biologie. In de meeste lessen ligt de nadruk op de voorplanting en niet op de inhoud van seksueel contact.
Jongeren willen betere relationele en seksuele voorlichting op school! Dit blijkt uit een onderzoek van de Universiteit Gent bij 1212 leerlingen uit het vierde, vijfde en zesde jaar van het secundair onderwijs*.
Een meerderheid van de jongeren heeft al ooit les gekregen over anticonceptie (69%) en soa (67%). Ongeveer een tiende van de jongeren kreeg nog nooit les over deze onderwerpen.
62% van de jongeren wil dat de school meer tijd vrijmaakt om over anticonceptie te praten in de klas, vooral in het TSO en BSO.
Jongeren willen op school graag meer informatie over tienerzwangerschap, seksuele activiteit, zwangerschapsbeëindiging en gevoelens rond seksualiteit.
De leraar biologie is voor heel wat jongeren de belangrijkste informatiebron voor vragen over anticonceptie (45%) en seksueel overdraagbare aandoeningen (51%). Daarnaast vragen jongeren ook graag raad aan vrienden van hetzelfde geslacht (35% met vragen over anticonceptie, 20% met vragen over soa) en hun moeder (33% en 20%). Ten slotte is ook het internet belangrijk. Voor ongeveer een vierde van de jongeren is dit één van de belangrijkste informatiebronnen over anticonceptie en soa. Jongens geven de voorkeur aan anonieme informatiebronnen, meisjes aan meer persoonlijke informatiebronnen (face-to-face contact).
Huisarts en moeder
De huisarts en moeder zijn de belangrijkste adviesbronnen bij seksuele problemen, vragen of onzekerheden. Toch beweert bijna de helft van de jongeren niemand te kennen waar men terecht kan voor hulp in verband met voorbehoedsmiddelen, soa of zwangerschap.
Voor medische hulp kiezen de meeste jongeren hun eigen huisarts, 38% voor anticonceptie en 40% bij vermoeden van een soa. Toch zou 8% geen arts raadplegen voor anticonceptie. En 12 tot 13% durft niet naar de dokter bij vermoeden van een soa.
Sensoa vraagt scholen en organisaties activiteiten over seksualiteit en relaties te organiseren voor kinderen en jongeren. Maks! en Klasse geven tips en advies aan scholen om dit thema bespreekbaar te maken in de klas.
Jongeren kunnen op het JAC met al hun vragen terecht!
Bron: maks, jeugd&seksualiteit, klasse, stubru
* 1Bron: Desimpel, Anniek (2007). Informatie-, advies- en hulpvragen van jongeren in verband met seksualiteit. Een descriptief onderzoek in het hoger secundair onderwijs in Vlaanderen.
Links:
http://www.allesoverseks.be/
http://www.jeugdenseksualiteit.be/m_jongeren/